Analyse
GCC viert zilveren jubileum
25 jaar geleden bracht Richard Stallman zijn vrije en opensource C-compiler uit. Sindsdien is GCC uitgegroeid tot een kracht van betekenis in de computerindustrie, waarmee vriend en vijand rekening...
25 jaar geleden bracht Richard Stallman zijn vrije en opensource C-compiler uit. Sindsdien is GCC uitgegroeid tot een kracht van betekenis in de computerindustrie, waarmee vriend en vijand rekening...

Met de Open GPS Tracker-app kunnen bezitters van een Android-telefoon hun route opnemen en op een kaart weergeven. Ondertussen hebben meer...
De eerste klap is een daalder waard, weet ook Hans Clevers. In zijn eerste interview sinds bekend was gemaakt dat hij DWDD-president Robbert Dijkgraaf opvolgt bij de KNAW zei de wereldberoemde...
22 februari 2012
Het Interstedelijk Studentenoverleg zegt er steeds vaker over te horen: studenten die overwegen van een technische bachelor door te stromen naar een niet-technische master. Ze zijn dan in één in plaats van twee jaar klaar en hoeven dus minder in zichzelf te investeren, want studiefinanciering is er niet meer in de masterfase. Ook zijn ze beducht voor de langstudeerboete, die ze denken te kunnen vermijden door een minder moeilijke studie te doen.
Of het echt zo’n vaart zal lopen met de vluchtstudent, of met jongere generaties die maar helemaal niet meer aan een bètastudie beginnen, zal moeten blijken als staatssecretaris Zijlstra (OCW) zijn wetsvoorstellen door de Kamer heeft weten te loodsen. Desalniettemin is op voorhand duidelijk dat er van zijn maatregelen in ieder geval géén stimulerende werking uitgaat op de aanwas van natuurwetenschappelijke disciplines.
Opmerkelijk genoeg is de industrie nu juist begonnen de overheid te bewegen om de bèta-instroom méér te sturen. Door vergrijzing, impopulariteit van het vak en algemene krapte op de arbeidsmarkt ziet zij het tekort aan werknemers de komende jaren dusdanig oplopen dat alleen een ‘zachte’ aanpak niet meer volstaat. Initiatieven om kinderen en scholieren vroeger en vaker met techniek in aanraking te brengen, zijn prijzenswaardig, maar onvoldoende gebleken. Weliswaar trekt de instroom van technische opleidingen al enkele jaren aan, maar dat loopt min of meer in de pas met de stijging bij alle opleidingen tezamen. De dalende trend van tien jaar geleden is dus slechts gekeerd.
De tien gezamenlijke topsectoren vinden daarom dat de handschoenen maar eens uit moeten. ‘Opleidingen voor tekortsectoren, zoals voor techniek, die van groot belang zijn voor onze welvaart moeten niet op dezelfde manier behandeld worden als opleidingen met een slecht arbeidsmarktperspectief en een lage welvaartsbijdrage’, schrijven zij in een brief aan Zijlstra’s collega, minister Verhagen (ELI). Een nette manier om te zeggen dat het maar eens afgelopen moet zijn met het financieren van nutteloze studies. Met selectie, collegegelddifferentiatie en desnoods een numerus fixus moeten studenten maar naar de juiste keuzes worden geleid.
In een land met een sterk sociaal vangnet, waar de studiekeuze niet per se het verschil maakt tussen ploeteren of een aangenaam leven, valt er iets voor te zeggen om het economisch belang van opleiding mee te wegen in de omvang en financiering ervan. In aanhoudende weelde lijkt keuzevrijheid een recht geworden, maar dat laat onverlet dat daaraan mag worden getornd als de omstandigheden daartoe dwingen. Tot op heden is daar overigens weinig reden toe, aangezien Nederland een van de laagste werkloosheidscijfers van de EU heeft en het aandeel van hoogopgeleiden daarin bovendien beperkt is. De kunsthistorici en vrijetijdsmanagers komen blijkbaar toch aan de bak.
Het voorstel van de topsectoren zou het rendement van het onderwijs verhogen, maar niet noodzakelijkerwijs studentenstromen ingrijpend verleggen. De technische studies vissen grosso modo niet in dezelfde vijver als de meeste populaire studies. De extra instroom moet in feite komen van een beperkt aantal opleidingen van stevig gammakaliber, zoals economie. Aantrekkelijke studievoorwaarden zullen enig effect sorteren en een goed signaal afgeven, maar beter is het om behalve te duwen ook te trekken, al was het maar omdat juist bèta’s uitstekend in andere sectoren terechtkunnen – andersom geldt dat helaas niet.
Gelukkig heeft in ieder geval de topsector Hightech Systemen en Materialen daaraan gedacht. HTSM wil baanzekerheid in de sector inruilen voor werkzekerheid. Dat kan door personeel uit te wisselen tijdens productieschommelingen bij individuele bedrijven, eventueel aangevuld met een kenniswerkersregeling en deeltijd-ww in crisistijd. Om de nadelen van een flexibele arbeidsmarkt voor de werknemer weg te poetsen, kan dit mechanisme in samenspraak met financiële instellingen worden geformaliseerd om hypotheek, pensioenopbouw en scholing te regelen.
Deze hightechstoelendans combineert de voordelen van een flexibele arbeidsmarkt – een groot goed in een conjunctuurgevoelige sector – met een aantrekkelijk perspectief voor potentiële werknemers, die relatieve zekerheid en afwisseling kunnen combineren. De aanzuigende werking en imagoverbetering die daarvan uitgaat, zal de effecten van de voorgestelde maatregelen in het onderwijs vele malen overstijgen.
© Bits & Chips | Deze pagina op internet: http://www.bits-chips.eu/nieuws/bekijk/artikel/stoelendans.html